Educatie 4.0


Share

Tijdens Online Educa Berlin 2019 heb ik deelgenomen aan een zeer inspirerende workshop van Gilly Salmon over Educatie 4.0.  In dit Blog deel ik mijn ervaring daarmee.

Gilly heeft ons mee genomen in haar gedachten over Educatie 4.0: een manier van leren die past bij de 4e Industriële Revolutie. Mocht je hier over willen weten, dan kun je hier haar artikel daarover lezen. Educatie 4.0 gaat over het leren dat past bij de 4e Industriële revolutie. Een tijdperk met technologische ontwikkelingen, waarin het leven minder in structuren plaatsvindt. Tijdens de workshop hebben we een daarbij passend curriculum gemaakt.

Voor we daarmee aan de slag gingen heeft Ulf-Daniel Ehlers van de Cooperative State University uit Duitsland de uitkomst van een uitgebreid onderzoek naar de competenties voor de toekomst met ons gedeeld. De competenties van de toekomst zijn: Leervaardigheid, zelf-effectiviteit, zelfbeschikking, kunnen reflecteren, beslissingsvaardigheid, initiatief- en prestatievermogen, om kunnen gaan met ambiguïteit, ethische competentie, ontwerpdenken (Design Thinking), innoveren, systeem-competentie, digitale geletterdheid, betekenis kunnen geven, samenwerken en communiceren. Meer over dit onderzoek vind je hier.

Curriculum van de toekomst

We hebben het curriculum in zes stappen gemaakt. De workshop duurde 4 uur. We zaten in een ruimte met meerdere tafels. Op elke tafel stond een discipline. Ik heb gekozen voor “Technologie”. We kregen glitters, kralen, glimsteentjes, stiften en post-its om mee te werken. Bij iedere tafel stond een Flipover met kerstverlichting. Dat gaf al een gevoel van “we gaan iets leuks doen!!”.

Tijdens de workshop kreeg je redelijk vage instructies. Je ging er maar gewoon mee aan de slag en dan ontstond er iets. En terwijl je bezig was keek je ook naar wat de andere groepen deden. Dat gaf dan weer inspiratie voor je eigen groep. Het was een heel mooi proces.

Stap 1 – Competenties

We hebben eerst uitgebreid kennis gemaakt met de tafelgenoten. Toen kregen we de opdracht om een ‘glimmertje’ te kiezen en die te verbinden met één van de eerder genoemde competenties. Je moest kiezen voor de competentie de volgens jou het belangrijkste is voor het curriculum voor “Technologie”. We moesten aan elkaar vertellen waarom je die competentie had gekozen en wat de “glimmer” betekende. Je schreef dat op een post-it en die plakten we op de flipover. Vervolgens besprak je met elkaar wat op de Flipover was geplakt.

Stap 2 – Rijke Diagrammen

De volgende stap was dat we ons de toekomstige Technologie-student moesten voorstellen, in het jaar 2025. Op tafel lag een groot vel wit papier. We kregen de volgende instructie: Stel je de situatie van die leerling voor. Teken die situatie. Je mag daarbij alles gebruiken wat op tafel ligt, maar je mag niet schrijven. Plak je ‘Glimmer” op de tekening en vertel waarom je die daar plakt.”
Het duurde even voor we iets konden tekenen, maar uiteindelijk hadden we een tekening met daarop de competenties. Er ontstond het begin van een verhaal.

Aan het einde van deze ronde blijft er één persoon bij de tafel staan, de anderen gaan kijken wat er bij de andere tafels is getekend. Je licht je tekening toe aan de mensen die langs je tafel komen.

Als Gilly dit bij organisaties doet, dan neemt ze een tekenaar mee. Hieronder staat een voorbeeld van een Rijk Diagram voor de opleiding voor paardenraces. Die wereld is veranderd. Mensen gaan meer online op de paarden wedden in plaats van dat ze zelf naar de races komen. Die verandering vraagt om andere competenties.

Stap 3 – Concept of Thresholds

Voordat we met deze stap aan de slag gingen, vertelde Gilly iets over ‘scaffolding learning’; het stutten/borgen van het geleerde. Ze deed dat aan de hand van het “Threshold concept”. Een ‘Threshold’ is een drempel die je moet nemen om iets te leren. In deze stap ga je onderzoeken wat de drempels zijn en hoe je die overwint. Als je inzicht hebt verkregen in wat daarvoor nodig is, dan ga je “door de poort”.

Voor stap 3 hebben we geoefend met één van de competenties op onze tekening; de competentie “samenwerken”. De oefening was dat één persoon uit de groep aan de ene kant van de “poort” gaat staan, die gevormd is met de kerstverlichting.  Die persoon pakt beide handen van een ander groepslid, die aan de andere kant van de Kerstverlichting staat. Vervolgens vraag je wat die persoon nodig heeft om samen te werken.

Voorbeeldvragen hiervoor zijn:
Weet je nog het moment waarop je voor het eerst goed samenwerkte? Wat deed je toen?

Als de ander het inzicht heeft in wat nodig is om aan de competentie te voldoen, dan loopt hij of zij door de poort. Het antwoord schrijf je op een post-it en die plak je op de tekening.  Dit doe je bij alle mensen in de groep. Dat levert een serie post-its op met wat belangrijk is bij deze competentie. Je hebt nu een eerste versie van het curriculum, namelijk de tekening die je in stap 2 hebt gemaakt met daarop de post-its per Threshold.

Ik mocht de vragen stellen en dat was een hele bijzondere ervaring. Je pakt de anderen één met beide handen vast en gaat op zoek naar wat die ander nodig heeft om samen te werken. Je merkt het aan de ander wanneer hij inzicht krijgt in wat voor hem of haar daarvoor écht belangrijk is; dan gaat er een soort van lichtje aan. Je ervaart dat dat voor iedere persoon iets anders is; het is echt iets heel persoonlijks.

Stap 4 – Teken het storyboard

Je pakt een nieuw vel papier en je tekent daarop de eerste versie van het storyboard. Dat doe je door een verhaal te maken aan de hand van de tekening, met de post-its voor de Thresholds. Het verhaal ontstaat door met elkaar in gesprek te gaan over de tekening. Dit gaat niet vanzelf, er zijn momenten van ongemak en veel zoeken.  Je kunt hier eventueel een screen-writer voor uitnodigen.

Authentieke assessments – dit hebben we niet gedaan tijdens de workshop. Hiermee kom je tot volgende versies van het storyboard. Je kunt hier meer over lezen in deze presentatie.
Voor elke Threshold in het storyboard stel je dan de vraag: hoe ziet het assessment voor deze Threshold eruit? Zou de medewerker dit valide en relevant vinden? Je tekent het assessment.
Je stel vergelijkbare vragen vanuit de positie van de leidinggevende, organisatie, stakeholders en andere belangrijke invalshoeken. Op basis daarvan werk je het Storyboard verder uit.

Stap 5 – Footprints

Iedereen kreeg een vel papier met daarop twee voeten. Op deze voeten schreef je een aantal inzichten die het storyboard je had opgeleverd. Op basis daarvan bepaalde je wat het grote, key, inzicht was dat je had gekregen. De Key-inzichten deelde je met de mensen aan je tafel. Vervolgens moesten we daar een tekening van maken. Natuurlijk ging ook dit niet vanzelf. Maar door met elkaar in gesprek te gaan en te tekenen, ontstond er een tekening.

Stap 6 – Presenteren

Onze workshop sloten we af met de presentatie van de tekening. We kregen 10 minuten om het verhaal voor te bereiden en 2 minuten om te presenteren. Dit leverde acht mooie verhalen op!

Onze tekeningen zagen er zo uit:

            

Wij hadden het ‘Ping-pong model” voor een Levenslang leren gemaakt. Ons ‘Key-inzicht’ was dat het raar is dat je alleen in de eerste jaren van je leven naar school gaat. ‘School” staat voor een periode van exclusieve aandacht voor leren, gefaciliteerd door leerprofessionals. Het “Ping-pong” model is dat je na een aantal jaren werken weer naar school gaat, dan ga je weer werken en dan weer naar school, enz.

Wat heeft de workshop mij gebracht?

De ervaring dat een groep samen in korte tijd een heel waardevol verhaal kunt maken. En dat leren iets heel persoonlijks is. Op basis van deze workshop kan ik een leervraag anders aanpakken, door op zoek te gaan naar de huidige context en daarvoor benodigde competenties.

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.