Cijferreeksen voor leerstrategie 5


Share

Je komt twee cijferreeksen tegen als je in de theorie over organisatieleren duikt: 70:20:10 en 40-20-40. Wat betekenen die getallen en wat kun je ermee? Daar gaat deze blog over. Ik heb deze twee reeksen uitgekozen omdat zij het fundament vormen voor een goede leerstrategie. De 70:20:10 is van Charles Jennings en deze heeft betrekking op het leren in organisaties. De 40-20-40 reeks in van Robert Brinkerhoff en gaat over het rendement van leren.

Leren in organisaties: 70:20:10

Charles Jennings onderscheidt drie manieren van leren: Formeel leren (10), Sociaal leren (20) en Ervaringsleren (70). Het gaat hierbij niet om de exacte cijfers maar om de gedachte erachter. In organisaties gaat de aandacht vaak uit naar formeel leren terwijl mensen het meeste in de praktijk leren. Denk maar na over wat jij het afgelopen jaar hebt geleerd en hoe je dat hebt geleerd.

70:20:10
Formeel leren: Je leert via een tevoren bedachte gestructureerde manier. Voorbeelden hiervan zijn: cursussen, workshops, MOOC’s en e-learning.
Sociaal leren: Je leert van anderen, door samen te werken en door feedback. Dat kan met een individueel persoon zijn; een expert of een coach. Het kan ook in een groep zijn zoals de afdeling waar je werkt of een netwerk binnen of buiten je organisatie.
Ervaringsleren: Je leert continue door ervaring op te doen. Dat doe je dagelijks maar er zijn manieren om dit te versterken zoals uitdagende taken opzoeken, waardevolle gesprekken voeren en reflecteren op je werk.

Hoe kun je de 70:20;10 reeks verwerken in een leerstrategie?
Om te beginnen door de bewustwording te vergroten. Als mensen zich realiseren dat leren meer is dan een cursus volgen dan kunnen ze het sociaal en ervaringsleren bewuster inzetten. Dat versterkt het leerrendement omdat werken ook leren wordt. Vervolgens bedenk je bij welke doelgroepen in de organisatie welke vorm het beste past. Criteria hiervoor zijn de mate van ervaring en de aard van het werk. Als laatste werk je de leerstrategie uit. Ik schrijf dit blog vanuit het perspectief van een L&Dafdeling. Vanuit dat perspectief bepaal je eerst de positionering van de L&Dafdeling: een school, college of university.  Vervolgens ontwerp je het Leerhuis. En dan bepaal je via welke route je het leren verder vorm geeft. Hoe je dat doet is afhankelijk van wat er al aanwezig is, wat de hoogste prioriteit heeft en waarmee je het snelst resultaat kunt boeken. Dat kan een inwerkprogramma zijn maar ook een programma voor organisatieontwikkeling. Bedenk dat niet zelf, maar haal het op in de organisatie.

leerstrategie-70-20-10

Klik hier als je meer wilt weten over het werken met de 70:20:10 regel.

Effectief leren: 40-20-40

Deze cijferreeks is van Robert Brinkerhoff en gaat over het ontwerp van een leeractiviteit. Hoewel je maar een klein deel van alles wat je geleerd hebt tijdens een formele leeractiviteit hebt opgedaan, is formeel leren van groot belang voor professionele organisaties. Daarover gaat de regel van Brinkerhoff. Hij onderscheidt drie fases bij formeel leren: voorbereiden (20) – uitvoeren (40) – toepassen (20). Ook voor deze reeks geldt dat het niet gaat om de precieze getallen maar de gedachte daarachter.

20-40-20
Voorbereiden: gesprek tussen leidinggevende en medewerker voorafgaand aan de leeractiviteit: wat ga je leren? hoe ga je het gebruiken? hoe kan ik je ondersteunen? wat ga ik merken van hetgeen jij geleerd hebt?
Uitvoeren: een hele goede leeractiviteit maken
Toepassen: gesprek tussen leidinggevende en medewerker enige tijd na de leeractiviteit: wat heb je toegepast van de leeractiviteit? wat heb je niet gebruikt? waarom niet? wat heeft het opgeleverd? welke obstakels ben je tegengekomen in de toepassing en wat heb je daarmee gedaan? wat heb je van mij nodig?

Door als leidinggevende dit soort vragen te stellen wordt het doel van de leeractiviteit duidelijker en het belang groter. In dit stukje uit een lezing laat Robert Brinkerhoff de invloed van de leidinggevende op de leeractiviteit zien.

 

Meer effect

Er is natuurlijk veel meer dat je kunt inzetten voor een goede leerstrategie.  Ik noem er drie omdat zij het resultaat van de cijferreeksen versterken.

  1. Breinleren (BCL). Dit gaat over hoe het brein leert en wat je kunt doen om dat te versterken. Ik vind zelf het belangrijkste dat je je ervan bewust bent dat je met leren, zeker als het om gedrag gaat, nieuwe paden in de hersenen aanlegt en bestaande paden afsluit. Dat kost tijd. Je kunt het vergelijken met het inslijten van een nieuw pad in een grasveld en het laten overwoekeren van een snelweg. Dit is basiskennis voor elke leerstrategie.
  2. The Fixed en Growth Mindset (Carol Dweck). Mensen met een Fixed Mindset ontlenen hun zekerheid aan wat ze weten, mensen met een Growt Mindset houden ervan om te leren. De manier van belonen beïnvloedt de ontwikkeling van de Mindset. Als je het gedrag beloont leidt dat tot ontwikkeling, als je de persoon beloont leidt dat tot stagnatie. Het gegeven waar ik gebruik van maak is dat iemand met een Growth Mindset een Fixed Mindset kan beïnvloeden. Dat kun je inzetten als je ontmoetingen faciliteert of leergroepen maakt.
  3. Five Moments of Need (Bob Mosher). Je kunt een aantal momenten onderscheiden wanneer er behoefte is aan leren; nieuw, verdiepen, toepassen, probleem oplossen, veranderen. Bij elk moment hoort een andere manier van ondersteuning. Bob Mosher noemt dit ‘Performance support’.  Wat deze theorie interessant maakt is dat je de ondersteuning aanpast aan het moment van leren. Als je ergens nieuw bent wil je niet alle beleidsachtergronden weten maar alleen dat wat je nodig hebt om aan de slag te kunnen gaan. Het slim inrichten van de informatiehuishouding in een organisatie is een belangrijk onderdeel van de leerstrategie (twee klikken, 10 seconden).

ervaringsleren

 


Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

5 Gedachten over “Cijferreeksen voor leerstrategie